27-12-17

ANGEL (35)

I, 05


Het deuntje – door Marlize gefloten, door Franklin gestolen, door Erik gekaapt – dat de NNMMA bekroonde en honoreerde, legde ze geen windeieren. Op de protocollaire plechtigheid in Brussel kreeg Franklin de cheque overhandigd door een chique big boss die het midden hield tussen een advocaat en een imker. Hij had het duurste krijtstreepjespak aan dat je je maar in kunt denken. Van boven tot onder glom hij van de rijkdom. De receptie achteraf kwam volledig uit de zee – hier werd met geld gegooid. Er was niet alleen de geldprijs. De tune werd ook diezelfde week nog via diverse mediakanalen in een duizelingwekkende oplage de wereld in gezonden. Wie het binnen een tijdspanne van twaalf uur niet gehoord had, was potdoof. Het was de No Noise More Music Academy menens. Hun standpunt was ook hard (maar volgens tegenstanders halfzacht): weg met geluiden, geruchten en lawaai, meer melodie!

Terwijl de royalty’s binnen begonnen te komen, op naam van de heer Vervecken – maar dat vormde dus geen probleem – arriveerde er ook een mail van de schooldirectie van Franklin. Hoe zat het met de gezondheid? Kon het nieuwe schooljaar opgestart worden met hem of zou men zich genoodzaakt zien een vervanger aan te spreken?

Marlize en Erik vervaardigden opnieuw enkele documenten, waaruit bleek dat de heer Franklin Vervecken nog minstens een halfjaar aan zijn heropbouw zou dienen te werken wilde hij ooit nog iets betekenen op pedagogisch-muzikaal vlak. Het was ook aan te raden geen contact met patiënt te nemen; hij was in goede handen en beleefde het meest deugd aan een ongestoorde relatie met mens en natuur per plekke. Bezoek was uitgesloten; mailverkeer werd ontmoedigd. Bij hoogdringendheid kon iets gedropt worden via een inderhaast door Erik aangemaakt gmail-adres op naam van de ontwennende.

In het kruis getast, het romanmanuscript van Marlize, kende een hoge vlucht. Met een duivels genoegen braakte de printer welhaast elke dag een afgewerkte bladzijde. Kruistochten in liefdesnaam! Vuur en vlam! De hoofdfiguur, Charlize Marlowe, dochter van een bisschop, legde een verzameling priesters aan. Stuk voor stuk verleidde ze die, waarna ze zichzelf in het verderf stortten en ofwel kerkschroot werden ofwel de kap over de haag gooiden en het marginale leven in doken. Tien wellustige geboden vormden de grondwet van het verhaal. Omdat de bisschop haar niet erkende als dochter, pleegde Charlize op het einde de vadermoord: tijdens een misviering dronk hij de door haar geprepareerde gifbeker en kukelde hij nog paarser dan een rouwkaars van zijn voetstuk.

Op de jaarlijkse landelijke Boekenbeurs in Antwerpen schuimde Marlize de verkoopstanden van de uitgeverijen af. Hier en daar mocht ze een kopie van In het kruis getast achterlaten. Vooral een magere man die het midden hield tussen een advocaat en een imker (om niet te zeggen: bij – hij droeg verdorie een geel-zwart gestreepte pull) toonde speciale belangstelling; uitgeverij BUB zou nog van zich laten horen, beloofde hij. En BUB, in tegenstelling tot veel andere uitgeefklungelaars, liet er inderdaad geen gras over groeien: vlak voor de pakjesdagen van december zou In het kruis getast van de debuterende schrijfster Marlize Brandthout, aka Marlize Van Der Weyden, verschijnen.

RacecaR, Franklins/Eriks bekroonde instrumentale tune, kreeg alom intense airplay. Zenders speelden het meerdere keren per etmaal, en het Audiovisueel Fonds, het cenakel van de filmmakers, had het al boven in de lade liggen voor een van de volgende grote filmprojecten. Ook op het internet scoorde RacecaR hoog. Een nieuw binnenlands feuilleton zou het tijdens de begingeneriek gebruiken. In fitnesscentrum Shakespier werd de ex-doelman plotseling een bekende en begeerde figuur. In de prettige walm van al dat succes stond Marlize toe dat hij rokjes droeg, met mate. Ook een jurkje kon er wel even af. Bij het begin van de herfst ging ze  zelfs met Erik op klerenstrooptocht in de H&M, Zalando, SN3, Garderobe National, APC, Anne Fontaine, Filippa K en Anja Schwerbrock.  

Eind november verscheen de roman van Marlize. Pilaarbijters, tsjeven en kaloten steigerden; recensenten gevolgd door de blaatschapen van het literaire wereldje prezen haar proza de hemel in. Voor de verbolgen meerderheid van de meninglozen was het  een kutboek; voor de mekkerende minderheid van de meninghebbers was het een cultboek. Niet lang na de geboorte van In het kruis getast speelde een opnamestudiofreak van de zender RRR&R eerder toevallig en bedoeld als experiment RacecaR achterstevoren af. Waar de normale notenvolgorde van de partituur een wereldhitgevoelige melodie veroorzaakte, daar bleek zich in de omgekeerde volgorde blasfemisch gegil en gevloek van een duivels gevallenengelenkoor voor te doen. Het bezorgde luisteraars koortsrillingen die als ola’s over hun ruggengraat golfden. Waar de tune met de palindroomtitel achterstevoren afgespeeld werd, stonden de communicatielijnen verontwaardigd roodgloeiend en witheet. Het schandaalboek en de kettertune werden een hype in alle middens die zich niet in het midden van de maatschappij bevonden. De verkoopcijfers schoten als vuurwerk de lucht in. En Lucifer keek tevreden toe, in zijn maatpak. Met zijn messcherpe linkerduimnagel kerfde hij bij elke rel een zoveelste streep in de dwarsbalk van het petruskruis in zijn oud-Bulgaarse balkanpaleisje. Telkens rinkelde dan de kassa, tot zevenmaal zeventig maal toe.   

De commentaren zijn gesloten.