06-08-17

ANGEL (30)

Een plotse walm van verstuivend zoet poeder leek bezit te nemen van de kerk. Alles kleurde in enkele tellen solfergeel. In gelederen van zevenhonderd kwamen de bijen duikend als Stuka’s in de middenbeuk aanzetten. Ze produceerden zelfs het geluid van de bekende duikbommenwerpers. Hun hoofddoel bestond uit de drie kisten. Een contingent nieuwe rekruten zwermde ondertussen links en rechts opzij en stortte zich op de stoelen in de zijbeuken en de twee overgebleven biechtstoelen. Ook houten kruisbeelden moesten eraan geloven. De verkeerde lieveheer op de grote crucifix vooraan kromp ineen.
Lucifer mikte schaterlachend zijn hoed op zijn hoofd en drapeerde de voile om zijn hoofd.
‘Bzz… bzz… ‘ deed hij. De panden van zijn jas krulden op als vleugels en weg was hij, pijlsnel van zijn stoel opstijgend en tegen de bijenstroom in naar buiten vliegend.

Gillend en vloekend liepen de mensen stoelen omver. Iedereen spoedde zich naar de openstaande kerkdeuren. De priester die het wierookvat had bediend, was reeds overdekt met een zwarte laag bijen. Schuddend en zwierend als een dronken marionet probeerde hij zich te bevrijden uit zijn ongewenste harnas. Reeds klonk zijn stem gesmoord en gedempt, door de hoeveelheid bijen die hem belaagden. Hij struikelde nu een laatste keer schreeuwend (even gaapte er een gat in zijn hoofd) over een van de kisten, viel op de grond en plette zo in een keer een paar honderd bijen. Er kwamen er duizend voor in de plaats, en na  enig zwak gekronkel bewoog de man niet meer. Ontzet keken Marlize en Erik op het schouwspel toe. Mensen grepen naar hun armen, benen, hoofden, overal waar ze onbedekt waren, en waar de bijen met hun steken vrij spel hadden. Na amper vier minuten was de kerk leeggelopen. In plaats van het gevloek en geschreeuw hoorde je nu overal tevreden gegons en vlijtig geknaag. Marlize en Erik zaten als aan hun stoel genageld: er waren niet alleen de uitzinnige taferelen geweest, maar vreemd genoeg werden ze allebei door de aanvallers ongemoeid gelaten. Zelfs hun stoelen werden met rust gelaten. Onthutst om zich heen kijkend zagen ze dat alles wat hout was met een laag bijen was bedekt. De drie kisten kregen het meeste bezoek. Ook de oude lange bank vooraan had succes: duizenden en duizenden bijen gingen ter communie. Een voorhoede van verkenners had eerst in een grote krachtinspanning het witte doek dat eroverheen lag opgetild en even verder op de grond laten vallen. Het gonzen, zoemen en knagen klonken echter het sterkst bij de drie kisten. De bijen hielden blijkbaar van een eenvoudige maaltijd.

‘Straks zijn die houten jassen volledig opgepeuzeld!’ riep Marlize. ‘En dan… ‘
‘Kom… weg hier!’ brulde Erik, nu plots bevrijd uit zijn verstarde ontzetting.
Ze sprongen op en stormden naar buiten.

De commentaren zijn gesloten.