13-06-17

ANGEL (28)

I, 03


‘Drie doden op ongeveer één dag in Verkavelgem,’ zei Marlize. ‘Is dat niet verdacht? Hier, in de krant.’
‘Ah?’
‘En ze hadden alle drie in hetzelfde café gezeten, de Retro. Je weet wel: waar wij nog aan katapult schieten gedaan hebben.’
‘En wanneer is dat gebeurd?’
‘Vier jaar geleden.’
‘Maar neen: die dooien. Niet dat schieten.’
‘Ah. Eergisteren. Tijdens dat onweer dat ’s avonds zo vlug kwam opzetten. Weet je het nog? Die wolk was nog paarser dan jouw aangebrande aubergines!’
‘Tuurlijk weet ik dat nog. Zijn ze dood gebliksemd misschien? Kon de tapkraan in de Retro niet als bliksemafleider fungeren?’
‘Ik lees hier nu dat ze rechtopstaand worden begraven, verticaal dus, zoals iedereen in Verkavelgem de laatste zes jaar, wegens plaatsgebrek. Ze moeten er zuinig zijn met de grond. Tiens, dat lijkt me iets voor mijn roman.’
‘Kunnen ze er dan de fik niet insteken? In een urne deponeren? Verstrooien?’
‘Maar de families wilden een klassieke onderdegrondstopping.’ 
‘Het zijn altijd wroeters geweest, die Verkavelgemnaars. Ze kunnen de aarde nooit eens met rust laten.’
‘Ooit worden ze er nog voor gestraft. De aarde laat niet met zich spotten. Zeg: heb je geen zin om naar het spektakel te gaan kijken? Altijd leuk, die rouwkoppen. Beetje nostaligie plegen, weet je wel: kaarsen, wierook, missaals, paternosters, wat Latijn, heiligschijn… ‘’
‘Zijn er dan geen drie begrafenissen?’
‘Nee. Ze worden gelijktijdig ter aarde besteld, na een dienst in de Godspot van Verkavelgem. Het wordt een trilogie.’
‘Djeezes! Waren de grondwerken in de solden misschien?’
‘Daar moeten we bij zijn hé!’

Op 11 juni 1938 om 11 uur 57 beefde de aarde in het vlakke Vlaanderen met de her en der verspreide molshopen. Er was schade aan kerken, kruisen en kapellen in Gijzegem, Kuurne, Munkzwalm, Rollegem, Strijpen, Wannegem-Lede, Westrozebeke en Zegelsem. 17 500 schoorstenen sneuvelden. Er waren twee doden. Dit wordt de ‘aardbeving bij Zulzeke’ genoemd. De beving werd ook in de kerk van het dorp Veldegem gevoeld, niet ver van Brugge, tijdens de begrafenis van de jonggestorven schrijver Norbert Fonteyne.

De Cruisberg bij Verkavelgem lag die voormiddag al vroeg te blakeren in de zon.  In de koele kerk dobberden klokslag 10 uur 30 honderden hoofden boven de stoelenzee, terwijl nog eens tientallen offerandetoeristen en rampnieuwsgierigen zich rechtopstaand achter in het heiligdompje verdrongen. Vooraan stonden drie kisten: het thema van de samenkomst. De snaren van de voormiddagzon, gebroken door brandglas in de hoogte, vielen in de kerk binnen en bespeelden de houten Drievuldigheid. De verkeerde lieveheer aan het kruis op het oude hoofdaltaar negeerde de mensheid aan zijn voeten. Hij bleef koppig de richting van zijn linkerhart uit kijken, meer geïnteresseerd in wat er zich buiten het kader van de gelegenheidsfoto’s afspeelde. Geroezemoes kabbelde tussen de stoelenrijen, totdat een dwingende bel weerklonk.

Drie dienaren van de katholieke eredienst verschenen in oubollige vrouwenkleren uit de sacristie, geflankeerd door enkele misdienaartjes. De priesters daalden de trappen af, cirkelden als gieren om de kisten, murmelden wat onheilspellende woorden, zwaaiden een wierookvat heen en weer en bestegen dan de trappen om post te vatten achter een geïmproviseerd altaar dat zich zes meter voor het oude hoofdaltaar bevond. Het kuchende volk keek toe, kreukte met tekstboekjes en verkende zijkijkend wie er allemaal was. Gebeden, geleden en geweend werd er om Veronique Vandenabeele, Simon Seys en Jozef Vandamme, allen woonachtig geweest te Verkavelgem, thans in een houten jas hier verzameld om ter aarde besteld te worden en opgenomen te worden in de vreugde van de Heer. Robert Vandenbroucke van café Retro vroeg zich nog altijd af of er die dag wat met zijn bier aan de hand was geweest. ‘Ze kwamen alle drie van de Retro’ moet zowat de meest uitgesproken en gehoorde zin geweest zijn de voorbije dagen. Ja, oké: maar het trio kende elkaar dan ook bijzonder goed. Ze gingen wel vaker samen op stap. Simon was nog kampioen met de schietlap geweest, en ook Veronique en Jozef hadden deze precisiesport beoefend. Dat was tijdens de hoogdagen van Schiet Maar Raak. De schietlapstand was ondertussen al overwoekerd door alles wat in vlak Vlaanderen aan wildgroen voorradig was. Robert Vandenbroucke merkte dat enkele mensen hem aankeken; hij betrapte er zich op dat hij half hardop aan het denken was. Dat gemurmel van de pastoors werkte blijkbaar aanstekelijk.

De commentaren zijn gesloten.