01-01-16

ANGEL (09)

Franklin had een vogelperspectief op de tuin van Marlize. Hij kon zelfs kiezen uit twee vensters. Wanneer hij niet aan de piano op de gelijkvloerse verdieping zat en schoolwerk verrichtte, gebeurde dat in een van die bovenkamers. Toen hij even opstond van een stapeltje corrigeerwerk – de muziekleraren lieten de laatste tijd niet meer zo erg met zich sollen als voorheen; ze berokkenden hun leerlingen ook huiswerk, zelfs nog laat op het schooljaar – ging hij werktuiglijk aan het venster staan om zijn blikken door de buurtuin te laten zeilen. IJlings trok hij zich weer terug: ze lag languit en half bloot te schommelen in de hangmat tussen de berkjes. Had ze hem gezien? Hij bleef een halve minuut naar zijn voeten staren. Ze moest na al die tijd toch wel doorhebben dat hij van hieruit vrije inkijk in haar tuin had? Omzichtig naderde hij weer. De bandjes van haar bikini (nou: eerder bikiniks, zo minuscuul als dat individuoding was) hingen werkloos over haar bovenarmen. In plaats daarvan zag je twee witte lijnen die over haar schouder liepen, striemen welhaast, alsof dit lichaam jarenlang rondgezeuld had met een rugzak verzwaard met stenen. Klaarblijkelijk controleerde Marlize momenteel de heide op brandgevaar: ze tilde de voorste rand van haar hemelsblauwe zeebroekje op en begluurde vanuit liggende positie dit landschap intens.

‘Bosschage, heide of vlakte?’ vroeg Franklin zich af, terwijl hij zich voor deze ene keer zijn vogelperspectief beklaagde. Denkend aan deze biotopen (‘Kan ze fluiten met haar schaamlippen?’) speelde zich in zijn hoofd andermaal het airke af dat ze vaak floot. Hij had het verder uitgebreid, bewerkt, gearrangeerd, in de schoolstudio professioneel opgenomen en daarna digitaal ingezonden voor de nationale instrumentale wedstrijd van NNMMA: No Noise More Music Academy. Het winnende nummer zou niet alleen een prijs van € 25 000 scoren, maar ook gepromoot worden in film- en tv-middens. De oplage van de mini-cd bedroeg 100 000 exemplaren.
Toen ze het panorama weer sloot en haar hoofd wendde, hupte Franklin andermaal achteruit. Vlak daarna hoorde hij een mannenstem. Die klonk hem bekend, zelfs vertrouwd in de oren. Erik? Weer spiedde hij door het raam. Gadverdamme. Het was die Erik weer, blote bast, badhanddoek om de lendenen. Die was toch weer verhuisd? Hij kwam met twee overvolle cocktailglazen aandragen.

‘De rokkendrager/rokkenjager is terug!’
Franklin begon zonder dat hij het besefte zijn kersverse werelddeuntje te fluiten. Hij merkte dat zijn buren nu bevreemd naar zijn venster opkeken. Damned: hij had de hor in laten zitten. Ze konden hem duidelijk horen, als stonden ze naast hem. Er greep even een kort gemompel plaats tussen de twee. Dan gebaarde en bewoog Marlize met haar cocktail: ‘Kom er een drinken!’
Franklin grijnslachte betrapt.
‘Ik?’ wees hij onnozel, zich in zijn omvangrijke buik prikkend.
‘Komaan!’ riep ze.
Ook Erik gebaarde nu uitnodigend.