29-10-15

ANGEL (07)

Lucifer nam zijn tijd om daarop te antwoorden. Het betrof immers zijn tijd. Eerst fabriceerde hij in een mum van tijd een prachtige wiettrompet. Hij schraapte met zijn hoefachtige voet over de grond en een steekvlam bereikte de punt van zijn joint.
‘Iemand een trekje?’
‘Ik wil wel,’ zei Franklin.
‘Geen sprake van, notenkraker’ lachte Lucifer. Hij inhaleerde hardop implosief sissend en diep – zo diep dat de rook tot in de toppen van zijn tenen walmde.
‘Mm… lekker… beter dan een holbewoonster in haar kont nemen… of een achternicht in zijn mond… mm… ‘
‘Het niveau zakt zienderogen,’ mompelde Erik. Marlize verzette zich even op haar stoel. Franklin voelde de weeën van vluchtkak tussen zijn zithammen opkomen; wanhopig probeerde hij zijn sluitspier onder controle te houden. De mosterdgele muren begonnen te zweten.
‘Ha! Over niveau gesproken! Het zit zo… ‘ begon Lucifer. ‘De notendiefstal… die vetzucht… dat rokje… het onbegrip… de gefixte matchen… de schorsing… en dan die stomme gezondheidsrondjes… De kerfstok van je buurman en van je ex-lief, Marlize. Dat is allemaal mijn werk. Het is namelijk mijn taak om de tien geboden een zwik te geven, een eigen wending zeg maar, zonder dat dit echt opvalt. Gelijk bewijs ik hiermee de slechte aard van jullie, mensen. Beter te heersen in deze hel op aarde dan te dienen in een hemel die niet meer van mij is, nietwaar, stomme stervelingen? Ik… ‘
‘En wat heb ik dan mispeuterd?’ onderbrak Marlize fel. ‘Buiten het feit dat Erik een ex is en Franklin een buur? Ik ken die tien geboden niet eens.’
‘Aha! Een vraag met een wolfsangel! Van de senior copywriter!’
Lucifer sprak hierbij de sssss extra lang sissend uit. Hij nam daarna met een gelijkaardig implosief geluid een lange haal van zijn pretsigaret; andermaal verdween de rook spoorloos in zijn lijf zonder er weer uit te komen.
‘Jij gaat de tien geboden herschrijven, dame. Mijn versie. En dat zal in romanvorm gebeuren. Daarvoor heb ik een vrouw nodig. Alleen vrouwen kunnen schrijven. Mannen schrijven alleen op. Jij schrijft het nieuwe evangelie. Mijn evangelie, met name.’
‘En waar haal ik mijn inspiratie?’
‘Je hoeft alleen maar de levende levens van je ex-lief en je dikke buurman te volgen – er steekt stof in voor een trilogie. Jullie worden mijn nieuwe Drievuldigheid.’
‘Hela man!’ protesteerde Franklin, terwijl hij zijn zithammen optilde en half uit de sofa oprees. ‘Hondenmoordenaar! Nu weet ik het! Heb jij die hond vermoord?’
‘Die hond! Die hond! Ze heet Denise. Ken je nu nog haar naam niet?’ riep Marlize. ‘Maar…‘
‘Zit!’ zei de duivel scherp. Het plasje in de hoek siste even vervaarlijk. Franklin zonk weer neer, want een zwaar gewicht drukte nu op zijn borst. Erik zat stilletjes van nee te schudden.  
‘Hondenmoordenaar?’ herhaalde Marlize met gesperde ogen. ‘Mijn hond?? Denise??’
De duivel negeerde haar vraag. Hij maakte een weids armgebaar dat tien dingen tegelijk betekende.
‘Jullie zijn mijn apostelen. Ga heen en steel, roof, misleid, bedrieg, bedreig, lieg, verklik, ondermijn, verknoei en verknal. Jullie zijn mijn uitverkorenen. Vrouwen zonder kinderen eerst.’